Motorrijden in groepsverband

De onderstaande "gedragsregels" kunnen gelden voor ritten die in groepsverband gereden worden. Uiteraard kun je ze zelf ook gebruiken in het geval je zelf met een klein groepje gaat rijden. Een paar punten komen dan te vervallen, maar die spreken voor zichzelf.


Algemeen:

Je kunt er uiteraard voor kiezen om een rit individueel te rijden, maar als je het rijden in een groep prefereert, neem dan goede nota van de volgende regels

Uiteraard mag de wet niet overtreden worden.
Niet met veel lawaai dieren passeren. Beter is om je koppeling in te knijpen en er rustig en ruim langsheen te gaan.
Dan schrikt het dier ook niet van je en zal zich voorspelbaar gedragen.
Voor, tijdens of na de rit geen "stoppies", "wheelies" etc. Zorg er gewoon voor dat je het niet verpest voor de rest van motorrijdend Nederland. Er worden al genoeg dijken en "mooie" weggetjes afgesloten. Als we ergens staan te wachten, ga dan niet met je gas "spelen", we weten allemaal hoe het klinkt, of het nou een standaard pijp is of een "sport"uitlaat. Draag bij voorkeur beschermende kleding. Alle aan een rit verbonden kosten als benzine, eten en drinken en andere onkosten zijn voor eigen rekening. Deelname aan een toerrit is op eigen risico. Indien je met een duo rijd, dan is uiteraard een opzittenden verzekering aan te bevelen.


Volgorde en positie van de rijders:

De voorste rijder rijdt met konstante snelheid. Hoe verder achteraan in de groep, hoe sneller men moet rijden om de groep bij te kunnen houden (dit vanwege het harmonica-effect). Daarom ook dat de meest ervaren en snelste rijders best achteraan rijden. De beginners kunnen achter de voorste rijder rijden. Zo kunnen ze zien hoe deze reageert op de veranderende verkeerssituaties (eventueel kan de rijlijn afgekeken worden van de voorste rijder). Geef beginners ook de gelegenheid om bij vertrek zich voor in de groep te begeven. Als je als 2e motor achter de voorste rijder rijdt, houd dan extra afstand! Ook al is de route voorgereden, er kan altijd iets onverwachts gebeuren en de voorste rijder heeft dan tijd nodig om te kunnen reageren. Rij altijd in baksteenformatie oftewel dakpansgewijs!!! De voorste rijder rijdt bij voorkeur op 2/3 van de rechterkant van zijn rijstrook. De tweede op 1/3, de derde rijder terug op 2/3, etc. De voordelen zijn legio. Meer en verdere kijk op het verkeer voor elke rijder, meer reactietijd, meer remafstand, meer uitwijkmogelijkheid, meer frisse lucht. Houd hierbij wel voldoende afstand van elkaar!!! Zowel op de rijder die schuin voor je rijdt, als de rijder die recht voor je rijdt. De voorste rijder rijdt bij voorkeur op 2/3 van de rechterkant van het rijvak omdat hij dan duidelijk zichtbaar is voor zowel de tegenliggers (met eventuele inhalers) als automobilisten die de groep inhalen (alhoewel dit bij een erg grote groep niet snel zal gebeuren). Indien de voorste rijder slechts op 1/3 zou rijden, dan is de kans heel groot dat een inhalende autobestuurder hem over het hoofd zou zien.


Inhalen en obstakels:

Uiteraard komen er ook situaties voor waarbij ingehaald moet worden. Om dit met een grote groep in één keer te doen is absoluut niet mogelijk. De voorste rijder kan uiteraard niet wachten op een moment dat alle volgers tezamen met hem kunnen passeren. Kijk bij inhaalmanoeuvres ALTIJD voor jezelf en ga niet klakkeloos achter je voorgangers aan. Geef tijdig richting aan zodat je achtervolgers op tijd zien wat er gaat gebeuren. Wijs je achtervolgers op tegemoet komend verkeer of in te halen obstakels of op anderszins gevaarlijke punten. Hoe verder in de groep, hoe minder goed je zicht is op de verkeerssituatie.


Bochten nemen en tegemoetkomende vrachtwagens:

Voor elke (serieuze) bocht wordt de baksteenformatie verbroken. Elke motorrijder kan de bocht dan zo ruim mogelijk aansnijden. Na de bocht wordt de baksteenformatie terug hersteld. Dit geldt ook bij het rijden op wegen waar veel vrachtwagens rijden. Verbreek de baksteenformatie tijdig en voeg allen rechts tussen. Op deze manier krijg je niet die grote luchtklap van de vrachtwagen op het moment dat hij langs rijdt.


Goede raad:

Hou voldoende afstand!!! Tracht je aandacht niet te verliezen. Hou het initiatief bij jezelf. Beslis zelf wanneer je oversteekt en inhaalt. Laat je niet (ver)leiden door anderen. De verleiding is heel groot om alleen maar het achterlicht van je voorganger in de gaten te houden en zelf geen beslissingen te nemen. Dit kan gevaarlijk zijn op kruispunten met en zonder verkeerslichten, bij inhaalmanoeuvres, bij het nemen van bochten, etc. Kijk regelmatig in je spiegels. Geef een seintje aan je achterrijder als die zijn knipperlicht aan heeft laten staan na een bocht.

Maar bovenal: GENIET van een rit!!!


© 2009-2018 De GSXF Toerclub     Laatste wijziging: 20-02-2015 20:44